Zwarte Pieten Kaartspel

Het kaartspel Zwarte pieten, of piekezot jagen zoals het in Vlaanderen wordt genoemd is een erg leuk spel dat regelmatig in huiskamers of onder vrienden wordt gespeeld. Het spreekwoord 'iemand de zwartepiet toespelen' is van zwartepieten afgeleid.

Zwarte pieten kaartspelletje

Spelregels Zwarte Pieten

Zwarte pieten, of piekezot/piekenzot is een heel simpel kaartspelletje dat zelfs met kleine kinderen gespeeld kan worden. In verschillende webshops zijn ook speciale kaartspellen te koop voor zwartepieten, maar wij leggen de regels uit als je speelt met een gewoon pakje kaarten. We geven een duidelijke uitleg van de zwartepiet spelregels.


Inhoud:


Wat heb je nodig voor het kaartspel Zwarte Pieten?

Je hebt 1 pakje speelkaarten nodig, waar je alle kaarten van 1-6, jokers en de klaver-boer J♣ uithaalt. Je houdt zo 31 kaarten over. 

De schoppen boer J♠ is de enige speciale kaart en wordt de zwartepiet of piekezot genoemd. 

Met hoeveel spelers kan je spelen?

Het leukst is het om het kaartspel met 3-6 spelers te spelen. Zwartepieten kan wel ook met 2 spelers worden gespeeld. 

Speel je met meer dan 6 spelers? Dan kan je ook met een heel spelletje kaarten spelen, inclusief 1 tot 6. Haal wel altijd de Klaver Boer uit het spel.


Doel van het kaartspel Zwarte pieten

Niet met de schoppenboer J♠ in je hand eindigen. Dat is het enige doel van het spel. Wie met de schoppen boer (de zwarte piet) in zijn hand eindigt, verliest het spel.

Het spelen van Zwartepiet

Spelers kiezen of loten een deler. De kaarten worden goed geschud en verdeeld over het aantal spelers. Alle kaarten worden opgedeeld, dus niet iedereen begint met evenveel kaarten.

 Spelers houden de kaarten dicht voor zich, zodat andere spelers de kaarten niet kunnen zien. Alle spelers leggen de paartjes die zij in hun handen hebben voor zich, open op tafel. Als alle spelers hun paartjes voor zich hebben gelegd, is de eerste speler aan de beurt.

Wat is een paartje?

Een paartje is 2 kaarten van dezelfde kleur én waarde. Kleuren zijn rood of zwart. Dus harten Q♥ en ruiten Q♦ zijn een paar, maar Q♦ en Q♠ niet. 


Een speelbeurt

Er wordt met de klok mee gespeeld, dus de speler links van de deler heeft de eerste beurt. Hij pakt, zonder te kunnen zien welke, een kaart bij de speler rechts van hem (de deler). Maakt hij met deze kaart een paartje in zijn hand, dan legt hij ook dit paar open op tafel voor zich. 

De speler eindigt zijn speelbeurt door zijn kaarten, gesloten voor zijn tegenspelers, aan te bieden aan de speler links van hem. Deze begint nu zijn beurt, door er 1 uit te kiezen. Dit gaat zo door totdat alle kaarten in paartjes open op tafel leggen.

Uiteindelijk blijft er op het einde van het spel maar éen kaart over: de schoppen boer, ofwel piekezot. De schoppen boer kan namelijk geen paartje maken omdat de klaver boer uit het spel is gehaald.

Om te voorkomen dat je verliest, kiezen sommige spelers ervoor om bepaalde kaarten hoger te houden om het aantrekkelijker te maken dat iemand deze trekt.


Einde van het spel Zwartepiet

Op het einde van het spel blijft maar één kaart meer over: de schoppenboer. Dit omdat de klaverboer niet in het spel zit. Wie deze kaart in zijn hand heeft op het einde van het spel, heeft het spel verloren.


Oorsprong van Zwarte Pieten

Het kaartspel zwarte pieten is al heel oud. Halverwege de 19e eeuw werd het spel al in Duitsland gespeeld onder de naam 'Schwarzer Peter', afgeleid van de rover Peter Petri. 

De naam van het spel heeft dus eigenlijk niets met de Nederlandse (zwarte) pieten, die Sinterklaas helpen bij het uitdelen van cadeautjes, te maken. 

Uitdrukking 'zwarte piet toespelen'

De uitdrukking 'de zwarte piet toespelen' heeft wel zijn oorsprong in dit kaartspel. De betekenis is dat je iemand opzadelt met een onplezierig klusje. 

Naar boven